soort

Het dwergnijlpaard

pygmy hippopotamus - choeropsis liberiensis - hexaprotodon liberiensis

Het dwergnijlpaard is een soort nijlpaard dat sterk lijkt op een jong van het gewone nijlpaard. Maar toch gaat het om een aparte soort. Ze zijn kleiner en hebben hun ogen meer aan de zijkant van hun kop. Ze tellen ook zes snijtanden in plaats van vier bij de gewone nijlpaarden. Ze leven meer op het land dan in het water. Hun vacht is donkerder tot bijna zwart. Na het paren zitten dwergnijlpaarden onder het schuim. Dat schuim wordt aangemaakt om de huid nat en soepel te houden. Als de dieren zweten, dan komt er rood vocht uit de huid. Het lijkt dan of de dieren bloeden, wat natuurlijk niet zo is.

Ze worden tot 80 centimeter hoog en 150 centimeter lang. Hun gewicht kan tot 250 kilogram gaan. Ze hebben ook een kort staartje. Vrouwtjes zijn de baas en durven de mannetjes wel eens een klap geven als die iets doen wat ze niet leuk vinden. Daarom hebben mannetjes vele littekens. Meestal leven de dieren alleen, tenzij ze willen gaan paren.

De jongen worden tot 7 maanden gedragen bij de moeder en soms kan het een tweeling zijn.  De dieren worden tot 50 jaar oud, maar in dierentuinen worden ze minder oud tot 35 jaar.  Ze leven vooral van grassen.  Je vindt ze in Afrika in Liberia, Sierra Leone en Nigeria.  Het aantal dieren in de wilde natuur is niet zo groot meer.  Amper 3 duizend dieren zijn geteld.  Daarom worden de dieren in dierentuinen volop gekweekt. 

foto’s : raimond spekking, adrian pingstone, chuckupd, mistvan, tomas sienicki