orde

De schildpadden

turtles - testudines

Schildpadden zijn reptielen met een stevig en bolvormig schild.  Ze komen overal ter wereld voor.  De meeste soorten worden niet erg groot. Sommige kunnen wel een meter lang worden en honderd kilogram wegen.  Ze zijn heel traag, maar ook erg lief.  Toch kunnen veel soorten heel snel wegrennen of wegzwemmen.  Lang houden ze dat niet vol.   Veel schildpadden trekken zich bij gevaar terug in het schild.  De naam schild-pad is wat verwarrend, want het is geen familie van de pad. 

De huid van schildpadden bestaat net als alle reptielen uit schubben.  De schubbenhuid moet vaak worden vervangen.   Dit gebeurt tijdens de vervelling.  De schubben worden dan één voor één losgelaten en vervangen door nieuwe schubben.  De kop van een schildpad heeft een soort snavelbek, met duidelijke ogen en neusgaten, maar plaats voor de oren ontbreekt.  Schildpadden hebben geen tanden maar scherpe hoorns op de rand van de bek, net als vogels, om brokken van het voedsel af te snijden.  De beet van veel soorten is zeer krachtig.  

Ze zien heel goed.  Ook in de nacht kan de schildpad goed zien.  Tijdens het paren wordt de reuk belangrijk om een vrouwtje te vinden.  Ze hebben geen goed gehoor, maar gaan af op trillingen in de bodem om vijanden en andere schildpadden te vinden.  In ons land komen geen schildpadden in het wild voor.  Dit komt omdat de temperaturen te laag zijn om de eitjes te laten uitkomen.  Schildpadden kunnen door hun schubbenhuid niet zweten om af te koelen, en moeten als het te warm wordt water opzoeken om te verkoelen. 

 Het dier houdt een soort winterslaap.  Het is niet een echte winterslaap zoals de dieren bij ons, maar het doet gewoon alles wat rustiger aan.

Ze hebben vier poten en een staart.  Maar die staart wordt voor niets meer gebruikt.  De kop en voorpoten steken uit door een opening van het schild .  Het schild bestaat uit 2 delen : een hard rugschild en een iets zachter buikschild.  Het schild dient niet alleen om zich te beschermen maar ook om zich te verwarmen

Ze moeten het lichaam kunnen optillen om te kunnen stappen.  De poten dienen ook voor het graven van een nest, meestal met de achterpoten. Er zitten nagels op die dienen om op het land te klimmen.  Sommige schildpadden kunnen in bomen klimmen om te zonnen.  Hierbij gebruiken ze hun bek om te klimmen.  Alleen bomen die boven het water hangen, worden beklommen, zodat de schildpad op de grond valt maar in het water als het dier zich mistrapt.

families

grootkopschildpadden

grootkopschildpadden

lederschildpadden

lederschildpadden

Nieuw-Guinese klauwschildpadden

Nieuw-Guinese tweeklauwschildpadden

oude wereld moerasschildpadden

ouede wereldmoerasschildpadden

zeeschildpadden

zeeschildpadden

bijtschildpadden

bijtschildpadden

modder- en muskusschildpadden

modderschildpadden

tabascoschildpadden

tabascoschildpadden

moerasschildpadden

moerasschildpadden

scheenplaatschildpadden

scheenplaatschildpadden

landschildpadden

landschildpadden

weekschildpadden

weekschildpadden

slangenhalsschildpadden

slangenhalsschildpadden