soort
De Bengaalse plompe lori
bengal slow loris - northern slow loris - nycticebus bengalensis
De Bengaalse plompe lori is een halfaapje dat behoort to de loriachtigen. De dieren zijn zeer moeilijk te vinden in de natuur. Wat we van hen weten is dankzij hun leven in dierentuinen. Ze behoren tot de grootste lori’s en worden 30 tot 38 centimeter groot en hebben geen staart. Hun vacht is wit tot grijsbruin van kleur. De buik is lichter van kleur. De ogen zijn groot en staan naar voren gericht. De dieren komen voor in het zuidoosten van Azië van India tot China en Thailand. Daar leven ze in tropische regenwouden tot op meer dan 2000 meter hoogte.

Het zijn nachtdieren die je vooral in de bomen treft. Overdag zitten ze ineengedoken tussen de bladeren. In de nacht gaan ze op zoek naar voedsel. Ze bewegen vrij traag, maar hebben dankzij hun handen een stevige grip op de takken. Deze lori’s houden van fruit en boomsappen en af en toe insecten. De grootste bedreiging voor de dieren is de jacht op hun vlees. Ze worden ook gevangen om als huisdier te houden, vooral in Japan en China. De dieren zijn makkelijk te vangen omdat ze vaak stil in de bomen zitten en traag bewegen. Hun tanden worden dan geknipt of getrokken zodat ze de mensen minder verwonden bij het aanvallen. Hierdoor worden de lori’s vaak ziek en sterven ze.


foto’s : das

