familie

Padden

bufonidae - true toads

De pad is een amfibie en is familie van de kikker.  Hij komt samen met de boomkikker het meest voor en heeft een opvallend dik lichaam.  De kop is groot en breed en heeft twee grote ogen met een oranje kleur.  Achter het oog ligt het oor, maar dat kan je heel moeilijk zien.  Daar ligt ook een soort gifklier dat gif spuit als de pad zich verdedigt.

De voorpoten zijn klein met korte tenen, terwijl de achterpoten zwemvliezen hebben. 
Ze hebben op hun huid allemaal wratten zitten en is zeer ruw en droog.  In de paartijd wordt de huid gladder.  Hierop zitten ook de slijmklieren die de huid af en toe smeren.  
De meeste padden worden zo groot als je hand.  De vrouwtjes worden het grootst.

De voorpoten zijn klein met korte tenen, terwijl de achterpoten zwemvliezen hebben. 
Ze hebben op hun huid allemaal wratten zitten en is zeer ruw en droog.  In de paartijd wordt de huid gladder.  Hierop zitten ook de slijmklieren die de huid af en toe smeren.  
De meeste padden worden zo groot als je hand.  De vrouwtjes worden het grootst.

De roep van de gewone pad is niet luid, het lijkt op “oink-oink-oink”.  Dit komt vooral omdat ze geen echte kwaakblaas hebben.  Het lijkt een beetje op een klein hondje dat blaft.

foto’s : cephas, beentree, algirdas, marek szczepanek, ernie

enkele van de vele soorten

Amerikaanse pad

rode pad

rode pad
klompvoetkikker
boulengers klompvoetkikker

levendbarende pad

levendbarende pad

westelijke levendbarende pad

westelijke levendbarende pad

Aziatische boompad

Aziatische boompad
bruine beekpad

reuzenpad

reuzenpad
agapad

noordelijke pad

noordelijke pad