soort
papio ursinus - chacma baboon - cape baboon
De beerbaviaan is een aap die behoort tot de hondsapen en de meerkatachtigen. Het is de grootste soort baviaan en behoort tot de grootste apen van de Oude Wereld. Op de mens na de grootste primaat van zuidelijk Afrika. Hij is slank en lichtgebouwd. Als hij op vier poten loopt, komen de schouders hoger dan het lichaam.

De vachtkleur gaat van geelgrijs tot donker, olijfbruin of zelfs zwart. De meeste bavianen zijn grijs of grijs-bruin van kleur. Onderaan zijn ze lichter van kleur. De vacht is opgebouwd uit lange, ruwe haren. De kop is groot met een zwart, onbehaard gezicht. Hierin liggen kleine bruine ogen met een vooruitstekende wenkbrauw. De snuit is kaal, lang en breed en de oren puntig. De staart is even lang als de rest van het lichaam en heeft een knik. Op de romp bevinden zich grote eeltknobbels, bestaande uit verharde en verdikte, kale huid. Mannetjes zijn groter dan de vrouwtjes, hebben grote hoektanden. Ze worden 80 tot 110 centimeter lang, terwijl de vrouwtjes 50 tot 75 centimeter hoog zijn.

De baviaan komt in een groot gedeelte van het zuiden van Afrika voor: in Angola, Zambia, Mozambique, Namibië, Botswana, Zimbabwe, Zuid-Afrika, Swaziland en Lesotho. Hij heeft weinig plaats nodig, zolang er maar slaapplaatsen, voedsel en water aanwezig zijn. Hierdoor kan hij overleven in zowel steppen en halfwoestijnen als savannen en open bosgebieden. De bavianen kunnen zich vrij gemakkelijk aanpassen aan alle omstandigheden.
De apen leven in gemengde troepen van vier tot meer dan 100 dieren bestaande uit meerdere vrouwtjes en hun jongen en één of enkele volwassen mannetjes.
De belangrijkste natuurlijke vijand is de luipaard. Doordat bavianen in grote groepen leven, worden vijanden en andere groepen snel gezien. De mannetjes zijn zeer sterk en zullen bij gevaar aanvallen. Met zijn grote hoektanden is een enkel mannetje in staat een hond te doden, een groep bavianen kan zelfs een luipaard doden. ’s Nachts vertrouwen ze op de hoogte van hun slaapplaatsen. Ze kunnen 20 tot 30 jaar oud worden.

De baviaan is een dagdier, dat de nacht doorbrengt in schuilplaatsen als rotskliffen en hoge bomen. Het is een alleseter die zowel vruchten, zaden, scheuten, paddenstoelen, knollen en wortelen als insecten en andere kleine ongewervelden eet. Soms pakt hij eieren of vangt hij hagedissen, vogels en zoogdieren zoals muizen, hazen of zelfs jonge impala’s. Aan de Zuid-Afrikaanse kust vangen ze ook zeedieren als vissen, krabben en weekdieren. In de Namibwoestijn is gezien dat zij elf dagen zonder water konden, door zich te voeden met vetplanten en vruchten.


