soort
De boerenzwaluw
barn swallow - hirundo rustica
De boerenzwaluw is een kleine zwaluw die soms zwaalf wordt genoemd. Het is een trekvogel die in de lente vanuit Afrika naar onze streken of naar het hoge noorden trekt. Het zijn sierlijke vliegers die de ganse zomer goed te zien zijn. Ze hebben lange vleugels en een slank lijfje waarmee ze makkelijk insecten in de lucht kunnen achterna jagen. Hun veertjes zijn bovenaan glanzend blauw en ook hun staartpennen vallen goed op. Met hun staart bij worden ze ongeveer 19 centimeter groot. Die is zoals alle zwaluwen gevorkt. Het voorhoofd en de keel zijn roodbruin. Hun buikje is lichter van kleur.

De zwaluwen leven in groepjes samen met huiszwaluwen en oeverzwaluwen. In de herfst vallen ze op omdat ze dan massaal verzamelen om samen naar het zuiden te trekken. Bij ons merk je de vogels op bij boerderijen en de rand van de steden. Ze zitten vaak in groepjes op telefoondraden of op de rand van gebouwen. Het zijn sierlijke vliegers die snel kunnen draaien en keren in de lucht. Daarbij kunnen ze fel kwetteren.


Ze lusten graag muggen, motten, vliegen en kevers die al vliegend met de brede snavel worden gevangen. Ook water drinken, doen ze al vliegend. Ze scheren daarbij over het water en scheppen met hun bek een hapje water. Hun nest bouwen ze in boerenstallen, onder afdaken of onder bruggen. Daarin leggen ze ongeveer 4 tot 5 eitjes die 15 dagen worden uitgebroed. Beide ouders zorgen voor de jongen die na drie weken al het nest verlaten. Na de winter vinden vele zwaluwen hetzelfde nest terug en gebruiken het opnieuw.

Het nest wordt gemetseld met aarde en speeksel en verstevigt met stro en haren. Binnenin liggen er veertjes en haren om het wat zachter te maken. Het nest wordt steeds ergens onder gebouwd, zodat rovers het van boven uit niet kunnen zien. Bij het bouwen zal je de vogels vaker op de grond zien terwijl ze aarde en veren verzamelen. De vogels komen voor in gans Europa. Bij ons gaat het stilaan achteruit met de boerenzwaluw omdat onze boerenstallen te proper en te goed gebouwd zijn. Ze vinden geen spleten en gaten meer in de muren om naar binnen te vliegen.
Vanaf augustus beginnen vele vogels zich al te verzamelen om in september en oktober naar Afrika te trekken. Pas in maart en april keren ze terug naar onze streken om er te broeden.
foto’s : malene thijssen, creative commons, gnu free, jj cadiz

