soort

De dwergmangoest

common dwarf mongoose - helogale parvula

De dwergmangoest is een klein Afrikaans roofdier uit de familie van de mangoesten.  Het is een van de kleinste soorten mangoesten.  Hij heeft een grote spitse kop, kleine oren, lange staart, korte poten en lange klauwen.  De zachte is oranjerood, gelig rood, roodbruin, grijs, donkerbruin of zelfs zwart.  De poten zijn donkerder en de buik lichter van kleur.   Hij wordt 18 tot 28 centimeter lang met een staart van 12 tot 20 centimeter.  De mangoest komt voor in droge graslanden, licht beboste streken en struikgebieden, tot op een hoogte van 2000 meter.  Vooral op plaatsen met veel termietenheuvels komt hij vaak voor.  Hij komt voor van Oost- tot Zuid-Afrika, van Eritrea en Ethiopië tot Angola en Namibië. 

De dwergmangoest is een dagdier en leeft in familiegroepjes van twee tot twintig dieren.  Een groep bestaat uit meer vrouwtjes dan mannetjes.  Binnen een groep is een dominant paartje baas.  Dat vrouwtje is de leider van de groep.  Het mannetje is zeer waakzaam en staat regelmatig op een verhoogde plek, vaak vergezeld door andere mannetjes.  De groep houdt zich schuil op en rond termietenheuvels, maar ook in holten tussen keien of holle bomen.   Meestal heeft een groep een schuilplaats vlak bij een bijen- of wespennest, als bescherming tegen vijanden. 

Een dwergmangoest eet insecten zoals termieten, sprinkhanen en krekels, spinnen, schorpioenen, kleine hagedissen, vogeltjes en zoogdiertjes zoals jonge knaagdieren en wilde vruchten.  De groep gaat samen op zoek naar voedsel.  Knaagdieren worden achtervolgd tot in hun holen.  Zonnen en eten doet iedereen op zijn eigen manier.  Ook kent de dwergmangoest een alarmkreet, waarmee de andere groepsleden gewaarschuwd worden. 

Soms wordt de dwergmangoest bij het eten vergezeld door neushoornvogels.  Beide soorten profiteren van deze samenwerking: de neushoornvogel waarschuwt de dwergmangoest bij gevaar, en andersom vangt de neushoornvogel de insecten die aan de dwergmangoest ontkomen.  Soms vergezelt hij grotere hoefdieren als stieren.  Grotere hoefdieren jagen mogelijke vijanden weg en verstoren insecten, waardoor ze makkelijker te vangen zijn.  Ook wordt het hoefdier gebruikt als uitkijkpost.