onderfamilie

Genetkatten
genet - genetta
Genetkatten vormen een onderfamilie en geslacht onder de civetkatachtigen. De kleine civetkat is de enige civetkat die ook in Europa leeft. Ze hebben een langwerpig lichaam met vrij korte ledematen. Het gezicht heeft een puntige snuit en grote, ronde oren. Hun vacht is meestal beige of grijs met een opvallend zwart vlekkenpatroon. De staart is geringd. Ze bereiken een lengte van 42 tot 58 centimeter en een staartlengte van 39 tot 53 centimeter.

De genetkatten komen voor in bijna heel Afrika, Zuidwest-Azië en Zuidwest-Europa. Hun leefgebied omvat zowel open graslanden en dichte bossen. Het zijn nachtelijke en alleen levende dieren. Overdag slapen ze in rotsspleten, holle boomstammen of holen die ze van andere dieren hebben overgenomen. Het zijn uitstekende klimmers, maar ze zoeken hun voedsel vooral op de grond. Ze kunnen een muskusachtige geur afscheiden via hun anaalklieren.

De genetkatten zijn omnivoren die kleine gewervelde dieren, insecten en soms fruit eten. Ze klimmen soms in bomen om vogeleieren of jonge vogels te vangen, maar meestal jagen ze op de grond en naderen ze hun prooi stilletjes vanuit een loerende positie. Tot twee keer per jaar werpt het vrouwtje één tot vier jongen na een draagtijd van ongeveer 56 tot 77 dagen. Het vrouwtje verzorgt de jongen, draagt ze in haar bek en maakt ze schoon. Ze verdedigt ze tegen alle indringers, zelfs tegen haar partner als die nog in de buurt is.

foto’s : sathvi,















