soort

De gouldamandine

gouldian finch - chloebia gouldiae - lady gouldian finch - gould's finch - rainbow finch

De gouldamadine is een zeer kleurrijk vogeltje uit de familie van de prachtvinken.  Hij komt oorspronkelijk in Australië in het wild voor.   Zijn naam kreeg hij van zijn ontdekker John Gould die als vogelliefhebber vele nieuwe vogels ontdekte.  De soort is erg geliefd om in volières te houden. 

Het kopje en de wangen zijn scharlakenrood, zwart of oranje.  Rond het kopje zit een smalle kleurige band.  De borst is violet en de buik eerder oranjegeel tot wit.  De rug en vleugels zijn grasgroen.  De staart is zwart en de twee middelste veren zijn iets langer.  Het vrouwtje is rood en oranjegeel met een violette borst.  De vogeltjes worden 12 tot 15 centimeter groot. 

Er zijn drie kweekvormen: de roodkopgouldamadine, de zwartkopgouldamadine en de oranjekopgouldamadine.  De soort komt in het wild voor in het noorden van Australië op savannes, stenige heuvels en dichte graslanden.  Het aantal volwassen vogels in de natuur ligt tussen de 5000 en 10000 vogels.  

Hun leefgebied wordt meer en meer omgezet tot graaszones voor schapen of geiten, waardoor sommige grassoorten niet meer in het zaad schieten.  Het gras waar de gouldamandine van leeft.  De soort staat op de rode lijst als licht bedreigd. 

De vogel wordt graag gehouden als volièrevogel, maar dat is niet zo eenvoudig.  Ze hebben temperaturen nodig tussen 15 en 25 °C en moeten extra beschut worden in de winter als ze buiten verblijven.  Ook kunnen er niet veel vogels in een ruimte worden gehouden.  Het zijn slechte broeders, daarom worden vaak broedmachines ingezet om de eitjes verder uit te broeden.