soort

De jufferkraanvogel

demoiselle crane - grus virgo

De jufferkraanvogel ook wel kortweg jufferkraan is een vogel uit de familie van de kraanvogels.  De soort broedt in Centraal-Eurazië en overwintert in Afrika en India.  Hun aantal in het wild wordt geschat op 230.000 tot 280.000 volwassen vogels.  Hij is met zijn 85 tot 100 centimeter de kleinste van de kraanvogels.  Hij heeft een grijs verenkleed, met achteraan afhangende grijze pluimen met zwarte punten.  De nek is zwart en wit, met meer zwart dan bij de gewone kraanvogel, en afhangende zwarte veren op de borst.  Tijdens de vlucht en de paartijd maakt hij hoge, raspende geluiden.

De kraanvogel broedt op de steppen van Oost-Europa en Azië, in een langgerekte band van Zuid-Oekraïne tot Mongolië en het noordoosten van China.  Na het broedseizoen verzamelen de jufferkraanvogels zich vanaf eind augustus en september in groepen tot wel 400 dieren om gezamenlijk naar hun winterverblijf te trekken.  Daar voegen ze zich samen met andere groepen tot enorme kolonies.  De vogels van de westelijke broedplaatsen overwinteren in Afrika, terwijl hun soortgenoten van de Aziatische steppen in India en Pakistan neerstrijken.  Deze route voert over de Himalaya en is daardoor een van de zwaarste migraties onder vogels.  Veel dieren sterven onderweg door uitputting of worden slachtoffer van roofvogels. 

De jufferkraanvogel leeft in grassteppen met aangrenzende moerassen en drassige gebieden.  Tijdens het broedseizoen hebben ze graag wat ruimte om zich heen en zoeken een broedplaats in de buurt van water.  Ze nemen graag een bad.  Ze voeden zich met verschillende granen en ongewervelde dieren. 

Het legsel, in een holte bij het water, bestaat uit twee rood gestippelde, grijze of beige eieren, die in 27 tot 29 dagen vooral door het vrouwtje worden uitgebroed.  De donzige jongen kunnen na 55 tot 56 dagen al vliegen. 

foto’s : auer, philip perry,