soort

De ocelot

leopardus pardalis - ocelot - dwarf leopard

De ocelot is een kleine katachtige die ook de pardelkat wordt genoemd.  De dieren komen voor van Noord- tot Zuid-Amerika.  Ze worden 50 tot 140 centimeter hoog.  Hun vacht lijkt op een panter, maar kan ook helemaal zwart zijn.  Het zijn knappe klimmers die veel in de bomen zitten en ook goed kunnen zwemmen.  Jagen doen ze wel op de grond en tijdens de nacht.  Hun ogen zien perfect in het donker en met hun oren speuren ze prooidieren op.  Je vindt de katten in het regenwoud waar ze tussen rotsen en struiken kunnen klauteren. 

Doordat ze zo goed kunnen klimmen en springen, durven ze wel eens een vogel uit de lucht plukken.  Verder lusten ze ook knaagdieren, agoeti’s, konijnen, kleine herten, apen, kleine vogels en hagedissen.  Maar ook slangen, insecten, schildpadden, kikkers, landkrabben en vissen.  Hun prooi wordt gevangen door zich plat op de grond te drukken en af te wachten.  Met één beet in de nek is de prooi snel dood.  De dieren leven liefst alleen of als koppeltje.  Overdag rusten ze in een holle boom of liggen languit op een boomtak.  De mannetjes laten allerlei geurtjes achter op struiken en bomen om te tonen dat geen mannetjes dichterbij moeten komen. 

Mama zorgt alleen voor de jongen.  Het zijn meestal 1 tot 4 jongen die verborgen liggen tussen boomwortels, een rotsspleet of dichte struiken.  De kleintjes worden geboren met al dadelijk een mooie vacht. 

foto’s : us fish & wildlife, danleo, ana cotta, bclarkesmith