soort

De Oost-Afrikaanse goendi

speke's pectinator - pectinator spekei - speke's gundi

De Oost-Afrikaanse goendi is een knaagdier uit de familie van de kamvingers of goendi’s.  De soort bereikt een lengte van 15 tot 19 centimeter en een staartlengte van 6 tot 8 centimeter.  Hij heeft een asgrijze vacht met een bruine of zwarte schakering erop.  De zijkanten zijn effen grijs en de onderkant is lichtgrijs.  Zwarte haren aan de buitenkant van de borstelige staart vormen een donkere ring. 
 Kenmerkend zijn de oren, die niet zo afgeplat zijn als bij de andere soorten.  Ze zijn bijna naakt met korte witte haren aan de randen.  Er zijn vier vingers of tenen aan elke poot.  Ze komen voor in de Hoorn van Afrika in Eritrea, Ethiopië, Somalië en Djibouti.  Daar vind je ze in de laaglanden en in de bergen tot 1200 meter.  Rotsachtige gebieden en halfwoestijnen vormen hun leefgebied.  In struiken of graslanden zal je ze zelden zien.  Ze rusten in spleten of onder stenen. 

Hij wordt net na zonsopgang actief en ligt graag in de zon te genieten.  Op de heetste uren van de dag nemen ze een pauze.  De soort eet alleen delen van planten zoals gras, kruiden of bladeren van de acacia.  Wanneer ze worden bedreigd, geven de dieren een alarmsignaal dat begint met een tjilp, gevolgd door een lang fluitsignaal.  De roep is kort maar erg schel.  Hun leefgebied is erg groot zodat ze niet echt bedreigd zijn.