soort
De regenwulp
whimbrel - numenius phaeopus
De regenwulp is een steltloper uit de familie van de strandlopers en snippen. Ze worden ongeveer 40 centimeter groot en kleiner dan de gewone wulp. Om de ogen en op de kruin zit een donkere streep. De snavel is naar beneden gebogen en korter dan die van de wulp. De veren zijn bovenaan geelbruin met donkere vlekken en onderaan met strepen. De poten hebben een grijsgroene kleur.



De vogels voeden zich met insecten, spinnen, wormen, slakken, kikkers, bessen, zaden en gras. In hun nest leggen ze tot 4 grijsbruine eitjes met grijze en bruine vlekken. Onze regenwulpen trekken in de winter naar Afrika om te overwinteren. Maar er zijn er ook die naar Zuid-Amerika en Australië trekken. Er bestaan ongeveer 7 ondersoorten. Bij ons zie je de regenwulpen in het voorjaar en het najaar.

foto’s : mike baird, mdf, kolaas, mcfarling

