soort

De rode lynx

bobcat - lynx rufus

De rode lynx is een soort lynx die enkel voorkomt in Noord-Amerika.  Hij wordt ook wel de bobcat genoemd.  Ze hebben een gelige tot roodachtige vacht met een witte buik.  Er lopen donkere vlekken over het lichaam met dunne strepen in het gezicht.  De dieren worden tot 30 centimeter hoog en 1 meter lang.  Hun staartje is erg klein, amper 12 centimeter lang.  Het zijn dieren die liever alleen leven en verspreiden dan ook overal geurtjes op boomstammen of maken krabsporen.  Overdag rusten de dieren in een rotsspleet of in dichte struiken. 

De rode lynx komt voor in Amerika, Canada en Mexico.  Het gebeurt dat de rode lynx paart met de Canadese lynx, want deze laatste leeft ook in Noord-Amerika.  De dieren leven in naaldbossen, moerassen, woestijnen en rond de akkers van de boeren.  Jagers mogen nog steeds jagen op de rode lynx.  Vooral zijn vacht is gewild, maar de lynx wordt ook geschoten voor het plezier.  De jagers maken dan geluiden van een stervend konijn om de lynx te lokken. 

Hun prooien zijn vooral hazen, konijnen, vogels, knaagdieren, huiskatten, opossums, wasberen, vossen, boomstekelvarkens en stinkdieren.  Die worden meestal gevangen als het stilaan donker wordt.  De prooi wordt van op een boomstam of van tussen de struiken begluurd.  Als er te weinig prooidieren zijn, eten de lynxen ook wel aas.  Na het paren worden ongeveer 2 tot 3 jongen geboren in een nest van droge bladeren, in een grot of in een holle boom.  Na een week openen de jongen hun ogen.  Na 8 weken zogen, mag het mannetje stilaan wat dichter komen en brengt nu het voedsel voor de kleintjes aan. 

foto’s : public, don debold, bill wight